Langs de Koloniën van de Noordelijke Nederlanden

Blokzijl – Willemsoord – Wilhelminaoord – Veenhuizen – Frederiksoord – Blokzijl.
Afstand: 165km

Gratis aangeboden door PuzzeltochtOnline.nl in samenwerking met B&B “Hoeve Morgenster”.

Welkom bij de “Maatschappij van Weldadigheid”!

  • In deze autopuzzeltocht van ongeveer 165 km worden 26 multiple choice vragen gesteld over allerlei historische bezienswaardigheden die je op je route door de Kop van Overijssel en het grensgebied van de provincies Drenthe en Friesland zult tegenkomen. De antwoorden op deze vragen zijn soms eenvoudig te vinden op informatieborden die vlakbij – of tegen de gevel van – de desbetreffende bezienswaardigheid zijn aangebracht. Er is echter ook een aantal vragen dat je niet zomaar 1-2-3- kunt beantwoorden. Hierbij is het de bedoeling dat je de bezienswaardigheid of attractie daadwerkelijk bezoekt óf raad vraagt bij het VVV cq de plaatselijke bevolking. Uiteraard staat het je vrij om het internet te raadplegen. Kortom: aan jou de keuze hoe je de puzzeltocht maakt!
  • Het is niet noodzakelijk om de autopuzzeltocht vanaf vraag 1 te doorlopen. Je bepaalt zelf bij welke vraag je wilt beginnen;
  • In de puzzel kom je achter de antwoorden bij vraag 14 t/m 26 de volgende notatie tegen: A<getal> -> P<getal>. Voorbeeld: A3 -> P7. Dit betekent dat de letter achter het antwoord op vraag 3 de 7e letter vormt van de oplossing van deze autopuzzeltocht (NB: de letter “A” staat voor “Antwoord”, de “P” voor “Positie”);
  • De tocht kan het beste in de periode april-half oktober worden gemaakt. De kans dat alle toeristische voorzieningen open zijn is dan het grootst;
  • Alle antwoorden van deze autopuzzeltocht kun je terugvinden op puzzeltochtonline;
  • Heb je vragen over deze autopuzzeltocht? Laat het ons weten via info@puzzeltochtonline.nl;
  • We wensen je veel plezier toe bij het maken van deze autopuzzeltocht!

Legenda:

Historische informatie over de Maatschappij van Weldadigheid
Routebeschrijving autopuzzeltocht
Algemene achtergrondinformatie

Colofon
Idee en route: Jeanine van der Zijden
Tekst: Jeanine van der Zijden en Marco Durieux
Foto’s: Marco Durieux
Vormgeving: Marco Durieux
Copyright: ©2018 Marco Durieux (PuzzeltochtOnline)


Langs de Koloniën van de Noordelijke Nederlanden

De Maatschappij van Weldadigheid

In 1818, een periode van armoede na de Franse bezetting, is op initiatief van generaal Johannes van den Bosch de “Maatschappij van Weldadigheid” gesticht met als primair doel het grote aantal verarmde gezinnen, bedelaars, zwervers, wezen en achtergelaten kinderen op te vangen in landbouwkoloniën en hen daar een zinvol perspectief te bieden.De financiering van dit vooruitstrevende project werd mogelijk gemaakt dankzij subsidies van Koning Willem I en de landelijke autoriteiten. Met deze geldmiddelen werden de eerste landbouwkoloniën gesticht op de “woeste” gronden in het grensgebied van de provincies Friesland en Drenthe, in het noorden van de provincie Overijssel en ten noordwesten van het huidige Belgische Turnhout. De mensen die voor deze vorm van sociale opvang in aanmerking kwamen, werden in de volksmond “paupers” genoemd. Ze vertrokken meestal te voet naar Amsterdam om van daar de boot naar Blokzijl te nemen.

Het is dan ook in dit pittoreske havenstadje aan de Zuiderzee (later: IJsselmeer) waar we onze toeristische autopuzzeltocht langs het historisch erfgoed van de Maatschappij van Weldadigheid in noordelijk Nederland beginnen.

1. Wat was de officiële benaming van de mensen die door hun lokale overheid naar de Koloniën van Weldadigheid werden opgezonden?

Blokzijl was oorspronkelijk een nederzetting van vissers. In opdracht van Prins Willem van Oranje verbouwde Diederik van Sonoy in 1581 deze vissersplaats tot een vestingstad. In de Gouden Eeuw ontstond er een levendige handel met de stad Amsterdam. Hierdoor ontwikkelde Blokzijl zich zowel tot handelsstad als tot overslaghaven. De rijkdom van die tijd is vooral af te lezen aan de monumentale panden met hun kenmerkende hals-, klok- en trapgevels langs de Noorderkade en Bierkade.

We verlaten het historische haventje van Blokzijl via de smalle Kuinderstraat en gaan op weg naar het buurtschap Muggenbeet. Bij de rotonde nemen we de eerste weg rechts. Dit is de N333 naar Steenwijk. Na ongeveer 2,5 kilometer slaan we net voor het bruine bord “Nationaal Park Weerribben-Wieden” rechtsaf en bereiken het buurtschap Muggenbeet.

Vanuit Blokzijl vervolgden de nieuw aangevoerde stedelingen hun weg per trekschuit naar Steenwijk. In het ondiepe water van de Muggenbeet liepen deze vaartuigen helaas nog wel eens vast. Iedereen die op zo’n trekschuit zat werd dan verzocht het vaartuig te verlaten om het vervolgens vanaf de wal met vereende krachten los te trekken. Lukte dat niet, dan zat er voor de passagiers niets anders op dan geduldig wachten tot het waterpeil weer voldoende was gestegen.

De trekschuit is een historisch schip dat reizigers comfortabel vervoerde. Het vaartuig werd meestal door paarden getrokken. Deze dieren werden geleid door een “jager”. De trekschuit had zijn oorsprong in de beurtvaart en had ten opzichte van zeilschepen het voordeel dat deze een betrouwbare dienstregeling kon bieden. Met de postkoets, is de trekschuit dus een voorloper van ons huidige Openbaar Vervoer: iedereen die het vooraf vastgestelde tarief betaalde, kon instappen.

2. Hoe noemen we het verharde pad langs een kanaal dat vroeger diende om trekschuiten door weer en wind voort te slepen?

Wie denkt dat “Muggenbeet” te maken heeft met de steek van een mug, heeft het helaas mis!
De naam is afgeleid van twee oud-Saksische woorden: “mücken” en “beecke”. Samengevoegd betekenen ze “kleine beek”. Tot op vandaag stroomt deze beek door het buurtschap en mondt ze uit in het vaarwater van de Riete.

We rijden nu verder, het viaduct van de N333 onderdoor, en komen op de Wetering-West terecht. Na 400 meter zien we rechts van ons het Steenwijkerdiep uitmonden in het kanaal van de Wetering.

Het Steenwijkerdiep is een gegraven watergang (wetering), die Steekwijk verbindt met de meren in de Kop van Overijssel en diverse waterwegen in Friesland.

Na iets meer dan 500 meter slaan we op de kruising met de Rietweg/Scheerwolderweg rechtsaf en rijden de ophaalbrug over. Direct na deze brug gaan we linksaf richting Kalenberg. We bevinden ons nu op de Wetering-Oost waar prachtige – vaak met riet gedekte – villa’s te bewonderen zijn. Net voor het punt waar de Wetering-Oost een scherpe bocht naar links maakt, gaan we bij een aantal informatieborden rechtsaf de Koningin Julianaweg in. Na 300 meter gaat deze weg over in de A.F. Stroinkweg.

We rijden nu door een stukje van het unieke Nationaal Park “De Weerribben-Wieden”. Hier vinden we het grootste aaneengesloten laagveenmoeras van Noordwest Europa! Dit gebied is ontstaan door verlanding. Dit is een proces waarbij moerassen, wetlands, plassen of ondiepe meren langs natuurlijke weg in land veranderen. Rietgroei speelt hierbij een belangrijke rol.

3. Welk dorp in Friesland is bekend geworden door het verwerken van riet, bamboe en rotan?

Op de kruising met de Woldlakeweg blijven we onze weg rechtdoor vervolgen. Vanaf dit punt gaan we na ongeveer 2 km linksaf de Hesselingerdijk op waar we een aantal prachtige boerderijen tegenkomen. De Hesselingerdijk gaat over in de Basserweg. Na 300 meter slaan we in een bocht rechtsaf de Beek in. Deze weg volgen we tot aan het begin van Steenwijkerwold. Vervolgens gaan we linksaf de Conicksweg in. We bevinden ons nu in een nieuwbouwwijk. Na 200 meter slaan we opnieuw linksaf de Oldemarktseweg in. Een kleine 500 meter verderop steken we het kruispunt met de N761 (Ossenzijl – Meppel) over. We bevinden ons nu op de Marijenkampen.

Begin 20e eeuw was Marijenkampen nog overwegend begroeid met heide. Sommige bewoners die uit de kolonie Willemsoord wegliepen of werden weggestuurd omdat ze zich ernstig hadden misdragen, vestigden zich in de directe omgeving van Marijenkampen. Daar mochten ze blijven mits ze in staat waren om in één nacht een eenvoudige plaggenhut te bouwen waar de volgende dag rook uit de schoorsteen moest komen.

4. Welke naam droegen de mensen die wegens wangedrag uit de kolonie werden weggestuurd?

Zodra we de bebouwde kom van Willemsoord binnenrijden gaat de Marijenkampen over in de Olde Meinenbos. Aan het einde van deze weg slaan we rechtsaf en komen terecht op de Paasloregel.

Willemsoord (ca.131 hectare groot) werd tussen 1821 en 1832 gesticht als Vrije Kolonie (Kolonie III) en is vernoemd naar Willem Frederik George Lodewijk, prins van Oranje-Nassau, de latere Koning Willem II.

Hoeve “Generaal Van den Bosch” werd samen met vijf andere hoeven gebouwd om door middel van landruil een betere opbrengst van de landbouw te verkrijgen.

Bij drie boerderijen in Willemsoord: “Hoeve Generaal Van den Bosch”, “Hoeve Amsterdam” en “Hoeve Utrecht” werd brem als meststof verbouwd. Dit werd gezaaid onder de winterrogge. Na een jaar op de akkers te hebben gestaan werd het als groene bemesting ondergeploegd. Hierover heen werd het ene jaar haver gezaaid en het jaar daarop boekweit, zonder bemesting. Daanaast verbouwde men ook maïs dat werd ingekuild ten behoeve van het vee en de trekdieren.

5. Wat is het Nederlandse woord voor het ruilen van percelen om daarmee grotere stukken aaneengesloten land te verkrijgen?

We verlaten Willemsoord over de Paasloregel. Deze gaat na de kruising met de Steenwijkerweg over in de Koningin Wilhelminalaan. We rijden over de spoorwegovergang en direct daarna onder het viaduct van de A32 door. na 200 meter gaan we rechtsaf de Kerkhoflaan in. Zodra deze kaarsrechte weg iets naar links afbuigt bevinden we ons op de Generaal Van den Boschweg. Bij de eerste T-splitsing slaan we rechtsaf en rijden nu door de bebouwde kom van De Pol. Dit buurtschap valt onder Willemsoord.

De koloniën van de Maatschappij van Weldadigheid werden op religieus gebied onpartijdig opgezet: Generaal Van den Bosch zag godsdienst slechts als middel om zedelijk gedrag te bevorderen. Hij stelde de kerkgang dan ook meteen voor iedereen verplicht. De inwoners van de kolonién mochten echter zelf bepalen naar welke kerk ze gingen.

In de eerste jaren van de Maatschappij vond kerkbezoek plaats in de kerken die vlakbij de kolonién lagen. Later besloot Van den Bosch om in de koloniën zelf gebedshuizen voor de diverse geloofsgemeenschappen te bouwen.

Ook Joodse burgers waren meer dan welkom bij de Maatschappij. Om de sabbat voor hen als rustdag in ere te houden, moesten zij elke werkdag anderhalf uur langer werken dan de overige inwoners. Daarnaast hadden de joodse kolonisten te maken met de voorschriften uit de Kasjroet. Dit is een keuken die koosjer wordt gevoerd en waarbij zuivel en vlees strikt worden gescheiden.

De Maatschappij besloot om de Joodse inwoners te huisvesten in Kolonie III (Willemsoord). Deze locatie lag vlakbij Steenwijk waar reeds een synagoge aanwezig was. In 1837 werd voor de Joodse gemeenschap een eigen school gebouwd die ook gebruikt zou worden als synagoge. Tevens werd een kleine Joodse begraafplaats aangelegd. Dit gemeentelijk monument valt onder de Gemeente Steenwijkerland en bevindt zich links van de weg.

6. Hoe wordt de buurt genoemd waar vroeger de Joden in Kolonie III waren gehuivest?

Een kleine 200 meter verderop binnen De Pol zien we aan de linkerkant van de weg een ANWB paddenstoel staan. Hier houden we de richting “De Eese/Eesveen” aan. Bij de T-splitsing net voor camping “De Bosrand” slaan we linksaf de Prins Willem Alexanderlaan in. Na bijna 700 meter gaan we weer rechtsaf. We rijden nu opnieuw in de Koningin Wilhelminalaan. Twee kilometer verderop gaat deze over in de Westvierdeparten. Tijdens de eerste kilometer van deze smalle weg rijden we exact op de provinciegrens van Overijssel en Friesland.

De Westvierdeparten vormde samen met de Oostvierdeparten in de beginjaren van de Maatschappij een eigen kolonie en een langgerekte verbinding tussen Willemsoord, Wilhelminaoord/Frederiksoord en Boschoord.

Op Westvierdeparten 11 (aan de linkerkant van de weg) vind je het fraaie Westerkerkje (zie foto die later volgt), dat evenals diverse landhuizen op het nabijgelegen landgoed “Heerlijkheid De Eese” (aanrader!) in typisch Zweedse mat-rode verf is gelakt.

Nadat de weg een kleine S-bocht maakt, bevinden we ons geheel op Fries grondgebied.

Tegenover het perceel van Westvierdeparten 35, kun je, als je goed oplet, op een afstand van ongeveer 60 meter vanaf de rechterkant van de weg in een bosschage een gietijzeren witte paal (lengte: 1,6 meter) ontdekken. Deze paal draagt drie zwarte strepen en is aan de drie kanten versierd met een wapenschildje. Dit is het officiële drie-provinciën-punt van Overijssel, Drenthe en Friesland!

Na twee kilometer slaan we bij de wegwijzer voor fietsers (deze bevindt zich aan de linkerkant van de weg) rechtsaf richting Wilhelminaoord. We rijden nu op de M.A. van Naamen van Eemneslaan. Na 150 meter bevinden we ons in de provincie Drenthe en komen terecht in het kleine koloniedorp Wilhelminaoord.

Wilhelminaoord, Boschoord en de West- en Oostvierdeparten (totaal 779 hectare grond) hebben een gezamenlijke geschiedenis. Tussen 1820 en 1822 werden ze alle drie gesticht als vrije kolonieën. Drie jaar later, in 1825 voegde men deze samen tot Kolonie II (Wilhelminaoord).

Na 150 meter bereiken we de T-kruising met de Oranjelaan.

Aan deze mooie ongeplaveide bomenlaan bevindt zich, midden in een oase van stilte, een kolonistenbegraafplaats. Hier vind je de zogenaamde Apostelboom: een beukenboom die uit 12 afzonderlijke bomen is voortgekomen (zie foto rechts, nog toe te voegen).

We vervolgen onze weg over de M.A. van Naamen van Eemneslaan en rijden over deze laan de dorpskern van Wilhelminaoord uit.

Aan het einde van de M.A. van Naamen van Eemneslaan buigt de weg naar links. We bevinden ons nu op de Prins Hendriklaan. Na 200 meter slaan we bij de T-splitsing linksaf. We zijn nu op de Koningin Wilhelminalaan  (N353) en rijden de bebouwde kom van Wilhelminaoord weer in.

Aan beide kanten van de weg zien we oudere en nieuwere koloniewoningen.

Wilhelminaoord en de oudste kolonie, Frederiksoord, liggen vlak naast elkaar. Alle koloniën werden door Johannes van den Bosch met meetkundige precisie ingedeeld: de ruimtelijke structuur met rechte ‘bomenlanen’, de lintbebouwing, diverse belangrijke voorzieningen zoals kerkjes, begraafplaatsen, hoeven, rustoorden, koloniewinkels, een dorpshuis en een mandenmakerij werden op kruisingen van wegen gebouwd. De koloniehuisjes werden op vaste afstanden van elkaar geplaatst. Ook de percelen werden netjes uitgemeten en in het landschap ingepast.

7. Hoe noemen we de rastervormige structuur van wegen en lanen in dit gebied?

De koloniewoningen worden, zoals altijd, op vooruitstrevende wijze gebouwd: alle zijn energiezuinig en de meeste zelfs energieneutraal. Er zijn zelfs plannen om in de nabije toekomst alleen nog huizen zonder gas-, stroom-, drinkwater- en rioolaansluiting te bouwen.

Op de Koningin Wilhelminalaan 53 (rechts van de weg) bevindt zich het pittoreske witte koloniekerkje van Wilhelminaoord met aan haar linkerzijde – in dezelfde kleur – de oude pastorie.

Na 100 meter zien we aan de linkerkant de Vaartweg. Hier vinden we toeristisch bord nr. 24 met inofrmatie over de Westerbeeksloot.

8. Met welk doeleinde werd de Westerbeeksloot (met zwaaikom) vooraf gebruikt?

Even verderop, aan de Koningin Wilhelminalaan 24 (links van de weg), zien we de faaie witte gevel van Buitencentrum Wilhelminaoord “School in Bos”, nu eigendom van de gemeente Den Haag. Op deze locatie houden leerlingen uit de hogere groepen van het basisonderwijs uit Den Haag nog steeds hun jaarlijkse werkweek.

Wij rijden over de Koningin Wilhelminalaan (N353) verder in de richting van Noordwolde.

In de periode 1914 tot 1962 reed er aan de linkerkant van deze weg een tram tussen Steenwijk en Oosterwolde. Deze werd geëxploiteerd door de Nederlandsche Tramweg Maatschappij (NTM). Naast reizigers (tot 1947) vervoerde deze tram ook post en goederen. Tussenstops waren er in Frederiksoord, Wilhelminaoord, Noordwolde, Boyl en Elsloo. Dankzij deze tramlijn nam de bevolking van het rietvlechtersdorp Noordwolde tijdens de gloriejaren van de Maatschappij van Weldadigheid snel toe.

Na 800 meter passeren we opnieuw de provinciegrens met Friesland en bereiken het kruispunt West- en Oostvierdeparten. Voordat we bij dit kruispunt rechtsaf de Oostvierdeparten inrijden, zien we links van de weg het gebouw “De Friese Brug”.

Dit gebouw werd vroeger gebruikt door de Koninklijke Marechaussée. Vanuit deze locatie was het haar taak om zoveel mogelijk het wettelijk gezag te handhaven over de vele desperado’s die zich hadden gevestigd in het gebied dat tegenwoordig Noordwolde-Zuid heet.

9. In welk jaar werd het Corps de Marechaussee opgericht?

Langs de Oostvierdeparten zien we eveneens een aantal typische koloniewoningen.

Ongeveer 3 km verderop slaan we rechtsaf de Werkhorstlaan in. We bevinden ons na 100 meter opnieuw in de provincie Drenthe. Aan het einde van deze laan draaien we met de bocht mee naar links de Van Leusenlaan in. Na 250 meter maakt de verharde straat een scherpe bocht naar rechts. We rijden nu in de Storklaan. Links van ons ligt het landgoed Boschoord.

In Boschoord (kolonie VII) vinden we “Hoeve Werkhorst” en “Hoeve Boschoord” waar kolonisten te werk werden gesteld. Hier vind je ook nog een aantal koloniewoningen en een schooltje uit de tijd van de Maatschappij.

Vanwege de zeer onvruchtbare grond is Boschoord niet echt een succes geworden. Tijdens een herindeling werd deze kolonie samengevoegd met Wilhelminaoord (kolonie II). Tegenwoordig is het bos- en heidegebied van Boschoord een oase van rust voor wandelaars en fietsers. Tevens werkt men hard aan de verbetering van de diversiteit aan planten en dieren. De opbrengsten uit het bos (hout) en de ontvangsten van beheersubsidies zijn voor de Maatschappij van Weldadigheid een belangrijke bron van inkomsten.

Aan het einde van de Storklaan zien we twee betonnen palen. Hier slaan we linksaf en volgen de Huenderweg naar Doldersum.

Doldersum is een es- of brinkdorpje aan de rand van het grondgebied van de Maatschappij van Weldadigheid. Het beschikt over een lange historie, getuige de vele vondsten uit o.a. grafheuvels en urnenvelden. De Drentse schrijfster Janne IJmker besteedt in één van haar waarheidsgetrouwe romans aandacht aan het leven van de Doldersumse vrouw Elsjen Roelofs (1738-1767) en de gifmoord die zij op haar man Jan Alberts pleegde in 1767.

10. Wat is de titel van deze roman uit 2006?

Net voor de Brink slaan we linksaf en bevinden ons nu in de Boylerstraat. Na ongeveer 2 kilometer rijden we de provincie Friesland weer in. Hier gaat de Boylerstraat over in de Doldersumsestraat. Aan het einde van deze straat gaan we rechtsaf de Boijlerweg in. Daarna nemen we de eerste weg rechts. Dit is de Verwersweg.

Aan onze rechterhand zien we een oud tolhuis waar de tolbedragen nog aan de muur te lezen zijn.

Kort daarop bereiken we Zorgvlied in de provincie Drenthe. Bij de eerste straat gaan we linksaf. We rijden nu in de Dorpsstraat.

Het trotse dorp Zorgvlied heeft een eigen vlag en wapen en is vernoemd naar de in 1930 gesloopte villa “Zorgvlied”.

Vóór 1879 viel dit dorp onder het landgoed “Groot- en Klein-Wateren”. In 1823 richtte de Maatschappij van Weldadigheid hier het eerste Landbouwkundige Instituut van Nederland op. In dit Instituut werden ambtenaren opgeleid tot leidinggevende functionarissen binnen de Maatschappij met als doel de arme stedelingen in de koloniën om te scholen tot kleine boeren.

In 1859 kocht de Amsterdammer J.F. de Ruijter de Wildt (overigens een nazaat van admiraal Michiel de Ruijter) het gebied Klein-Wateren en startte direct met de ontginning van het land. Twintig jaar later verkocht hij dit door aan de bemiddelde L.G. Verwer. Deze nieuwe eigenaar teelde o.a. cichorei (een koffie-substituut) en hop. Verder richtte hij zuivelfabrieken op in o.a. Elsloo. Daarnaast liet Verwer een aantal statige panden neerzetten, zoals de hypotheekbank, Huize Zorgvlied en “Villa Nova”.

11. Welk gewas heeft Verwer nog meer in Zorgvlied geïntroduceerd? (Hint: kijk eens goed naar de plantensoort in het dorpswapen van Zorgvlied)

Aan het einde van de Dorpsstraat gaan we linksaf de Wateren op. Twee kilometer verderop slaan we linksaf de Appelschaseweg op. Na de Friese provinciegrens gaat deze weg over in de Canada.

Het buurtschap Canada (gemeente Ooststellingwerf) ligt langs de gelijknamige weg bij het dorpje Elsloo en heeft ongeveer 10 inwoners. De natuur rond het Canadameer maakt deel uit van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Op mooie dagen is het hier goed toeven. Het Canadameer is een zandwinningslocatie die is ontstaan toen extra zand nodig was voor de aanleg van de N381 (Drachten – Emmen). Enige jaren geleden is in de nabijheid van het Canadameer een tweede meertje gegraven ten behoeve van paarden en honden.

In het Aekingerzand vind je heide, zand en vennetjes. Dit gebied wordt begraasd door schapen. Tevens kun je hier heerlijk wandelen en fietsen.

12. Hoe hoem je een open plek op de heide of in de duinen waar geen enkele begroeiing aanwezig is en het zand door wind en regen vrij spel heeft?

13. Hoe noem je het gereedmaken van een gebied ten behoeve van de landbouw?

Aan het einde van deze weg slaan we rechtsaf de Kloosterweg in en rijden naar Terwisscha.

Net als Canada is Terwisscha een buurtschap in de Friese gemeente Ooststellingwerf. Hier vind je een bezoekerscentrum van het Drents-Friese Wold, dat tevens het startpunt vormt van een groot aantal afwisselende wandelroutes, fietsroutes en ruiterpaden. In de nabijheid van het bezoekerscentrum kun je ook een uitkijktoren beklimmen.

14. De slogan waarmee de Maatschappij van Weldadigheid tegenwoordig reclame maakt is “Een uniek verhaal met drie Nationale Parken als decor”. Welk Nationaal Park maakt hier geen deel van uit?

Nadat we het viaduct over de N381 (Drachten – Emmen) zijn gepasseerd, rijden we over de Wester Es naar Appelscha. Bij de rotonde gaan we rechtdoor. Een kleine kilometer verderop, na het passeren van de ophaalbrug over de Vaart, slaan we linksaf en direct daarna rechtsaf. We bevinden ons n op het Zuideinde.

Achter Appelscha liggen de Compagnonsbossen. Deze maken deel uit van het Fochteloërveen. Als je geluk hebt kun je hier in de maanden maart t/m juni broedende kraanvogels ontdekken.

Bij de wegwijzer “Ravenswoud/Fochteloërveen” gaan we rechtsaf en rijden nu op de Fochteloërveen.

Het unieke Fochteloërveen is één van de laatste hoogveengebieden in Nederland. Onder het gras gaat een zachte, kletsnatte laag schuil: het hoogveen. Een opmerkelijke bodemsoort die uit veenmossen is opgebouwd. Dit gebied is zelfs zo vochtig, voedselarm en zuur dat er geen enkele boom wil groeien.

Vroeger bestond een aanzienlijk deel van Nederland uit deze boomloze hoogveenvlaktes. Maar door massale afgravingen voor de winning van turf en als gevolg van drainage ten behoeve van de landbouw in de afgelopen eeuwen kun je tegenwoordig alleen nog in het Fochteloërveen de allerlaatste stukken levend hoogveen bekijken.

15. Hoe noemt men in dit gebied de speciaal gegraven kanalen voor vervoer van veen?

16. Welke vaart speelde een cruciale rol bij het afvoeren van turf?

Mocht je tijd hebben, ga dan eens heerlijk in dit fraaie natuurgebied wandelen en beklim “De Zeven”, een uitkijkpost van 18 meter hoog die een fraai uitzicht biedt op het omringende landschap.

Aan het einde van de Fochteloërveen slaan we rechtsaf en rijden over de N919, richting Veenhuizen. Direct nadat we het Veenhuizerkanaal zijn gepasseerd, maakt de weg een scherpe bocht naar rechts. We bevinden ons nu op de Hoofdweg. Na 600 meter gaan we linksaf en volgen de bordjes naar het Nationaal Gevangenismuseum van Veenhuizen.

De naam Veenhuizen is tegenwoordig onlosmakelijk verbonden met een gevangeniscomplex dat hier in de nabije omgeving te vinden is. In dit kader zal het je dan ook niet verbazen dat in dit dorp tegens een gevangenismuseum is gevestigd. In 2016 en 2017 werd hier de theaterproductie “Het Pauperparadijs” in de open lucht opgevoerd.

De besloten kolonie Veenhuizen werd in eerste instantie gesticht door de Maatschappij van Weldadigheid met als doel weeskinderen op te vangen. Dit was echter geen succes. Later werden hier mensen naar toegestuurd die zicht niet hielden aan de regels van de Maatschappij of die veroordeeld waren voor onzedelijk gedrag, diefstal of geweld.

Let hierbij ook eens op de straatnamen en de spreuken op de gevels van diverse gebouwen. Deze waren bedoeld om de bewoners van deze kolonie tijdens hun dagelijkse tocht naar hun verplichte arbeid te doordringen van de deugden van het leven en hen te informeren welk beroep in welk gebouw werd uitgeoefend. Zo vind je teksten als “Ontwikkeling”, “Rust Roest”, “Hou en Trouw”, “Orde en Tucht”, “Bitter en Zoet”, “Werk en Bid”, “Huis en Haard”, “Plichtsgevoel”, “Toewijding”, “Humaniteit”, “Kennis is Macht” en “Werken is Leven”.

17. Welke spreuk in Veenhuizen is niet bedoeld als “opvoedingstekst”?

18. Op 18 mei 1975 werd het eerste Gevangenismuseum in Veenhuizen geopend. In welk gebouw was dit museum gevestigd?

We rijden terug naar het kruispunt met de N919 en slaan linksaf. We zijn nu op de Hoofdweg.

Op Hoofdweg 14 (aan de linkerzijde van de weg) zien we het gebouw “Maallust”.

19. Welke activiteit vindt in dit gebouw plaats?

We vervolgen onze autopuzzeltocht over de N919. Aan het einde van deze weg slan we rechtsaf de N373 richting Assen-Smilde op.

In Drenthe werden vroeger diverse gewassen verbouwd, zoals hop, rogge, boekweit, haver, paardenbonen en aardappelen. Om deze zo snel mogelijk bij de afnemers in het land te bezorgen, werd voor dit doel een groot aantal kanalen gegraven.

Net vóór de brug over de Drentse Hoofdvaart slaan we rechtsaf de Kanaalweg in. Na iets meer dan 3,5 km, bij de vierde brug over deze kaarsrechte vaart, slaan we rechtsaf de Jonckerswijk in (let op: het bord “Doodlopende weg” wordt door automobilisten veelal genegeerd). Net voor het einde van deze weg passeren we een kort stukje zeer slechte bestrating. Na deze passage gaan we rechtsaf de Menneweg op en bevinden ons weer op Fries grondgebied. Deze weg gaat na 30 meter over in de Lycklamavaart. Zodra de weg scherp naar links afbuigt, rijden we over de Meester Lokstraat  en komen vervolgens via het Ravenswoud (met uitkijktoren) en gelijknamige dorp in Appelscha terecht. Hier gaat de Meester Lokstraat over in de Toogwijk. Direct na de brug over de Vaart slaan we rechtsaf. Dit is de Vaart Zuidzijde. Na 1 km gaan we linksaf richting de Bosberg. We bevinden ons nu op de Van Emstweg. Bij de rotonde gaan we rechtdoor en rijden de Bosberg op.

20. De Bosbergtoren (33 meter hoog) staat op een stuifduin dat het hoogste punt van het Friese vasteland is. wat is de hoogte van dit stuifduin?

Vlakbij de Bosbergtoren leeft ook een reusachtige ondergestoven eik van ruim 300 jaar oud. Wat jarenlang een veel verteld volksverhaal was, bleek na recent onderzoek echt waar te zijn. De drie hoofdtakken van deze kolossale boom zijn zichtbaar naast de toren. De rest ligt echter geheel onder het stuifduin.

21. Binnen welk nationaal park is deze eik gelegen?

We rijden over het viaduct van de N381 (Drachten – Emmen) en bevinden ons nu op de Oude Willem.

Het ontginnen van de Oude Willem was oorspronkelijk bedoeld voor het inrichten van een landbouwenclave. Een smalspoorbaantje van ongeveer 70cm breed transporteerde veen en andere producten uit het veen, zoals melk en mest, naar de omliggende dorpen of naar de Drentse Hoofdvaart waar het op de boot naar andere delen van het land werd vervoerd. De karretjes werden in de loop der tijd door menskracht, hond, paard of locomotief getrokken. Na meer dan 50 tot 100 jaar voor intensieve landbouw te zijn ingezet, zal het gebied voor een groot deel weer worden teruggegeven aan de natuur. De goede landbouwgrond wordt afgegraven en de waterstand zal, net zoals in vroegere tijden, weer op een hoger niveau worden gebracht. Dit heet “vernatting”.

22. Wie was de uitvinder van het ongeveer 70cm brede ijzeren smalspoorbaantje dat o.a. werd aangelegd tussen Smilde en Oude Willem met aftakkingen naar boerderijen in Diever en Wateren?

Bij het bruine bordje “Hoeve aan den Weg” buigen we rechtsaf en vervolgen de Oude Willem. Zodra we Drenthe weer in rijden, heet deze weg de Oude Willemsweg. Aan het einde van deze weg slaan we rechtsaf de Wateren in. Na ongeveer 2 km gaan we linksaf de Huenderweg in richting Doldersum. Tussen Doldersum en Vledder heet deze weg de Solweg. Aan het einde van deze weg, in Vledder, gaan we langs de Brink. Na 50 meter gaan we rechtsaf en rijden over de N855 naar het 2 km verderop gelegen Frederiksoord.

De Maatschappij van Weldadigheid was ook op sociaal gebied vooruitstrevend: Men zorgde goed voor de oude en invalide bewoners in de koloniën en creëerde op deze wijze een soort verzorgingsstaat, zelfs ver voordat in geheel Nederland het ziekenfonds werd ingesteld! Verder moesten kinderen tussen de 6 en 12 jaar, op last van Van den Bosch, allemaal verplicht naar school, ondanks het feit dat er in die tijd nog helemaal geen leerplichtwet bestond.

23. Wat waren de belangrijkste vakken die deze kinderen op school moesten leren?

In de periode 1818-1859 voerde de Maatschappij van Weldadigheid een landbouwkundig en sociaal-economisch experiment uit. Hiervoor richtte zij in Frederiksoord een bosbouwschool en een tuinbouwschool (zie foto links, nog toe te voegen) op. Doel van deze scholen was om kolonisten te leren hoe ze de arme gronden het beste vruchtbaar konden maken. Met de opbrengsten van deze gronden moesten ze zich geheel in hun levensonderhoud voorzien. Vanwege geldgebrek en schaalvergroting zijn deze landbouwscholen inmiddels al vele jaren gesloten.

24. Welke naam is verbonden aan beide scholen?

In de beginjaren van de Maatschappij van Weldadigheid fungeerde Huis Westerbeek op het gelijknamig landgoed in Frederiksoord niet alleen als woonhuis van Johannes van den Bosch maar ook als het bestuurlijk centrum van deze maatschappij.

Als beloning voor vlijtige arbeid en goed gedrag konden de kolonisten een koperen, zilveren of gouden medaille verdienen. Hieraan was een jaarlijks geldbedrag verbonden van resp. twee en een half, vijf en tien gulden. Wie kon aantonen dat hij geheel kon leven van de opbrengst van zijn land en vee, ontving de zilveren of gouden medaille en had de mogelijkheid om te worden bevorderd tot pachter of vrijboer.

Tussen de koloniewoningen in stonden grotere woonhuizen. Deze waren bedoeld voor gezinnen waarvan de kostwinner toezicht moest houden op een groep van ongeveer 25 arme gezinnen. Naast het uitoefenen van sociale controle waren zij verplicht om alle woningen te controleren op netheid en de afwezigheid van ongedierte.

25. Wat was de naam van de functie die deze toezichthouders bekleedden?

We vervolgen de N855 en komen terecht in het dorpje Nijensleek.

Nijensleek is evenals Marijenkampen, Vledderveen en Noordwolde-Zuid nooit een kolonie van de Maatschappij van Weldadigheid geweest. In deze dorpen vestigden zich vooral desperado’s die de kolonie vrijwillig verlieten omdat zij zich niet wilden houden aan de voorschriften van de Maatschappij.

26. Welke maatregel nam Johannes van den Bosch om overmatig alcoholgebruik in de koloniën tegen te gaan?

Dit was de laatste vraag van onze toeristische autopuzzeltocht langs het historisch erfgoed van de Maatschappij van Weldadigheid. Je hebt nu in totaal 13 letters én 13 letterposities verzameld.

Deze vormen gezamenlijk de naam van een officieel betaalmiddel dat door de Maatschappij van Weldadigheid werd uitgegeven en waarmee alleen in de koloniewinkels betaald kon worden. Weet jij het antwoord? Vul het hieronder in!*

Succes!

We rijden verder naar Eesveen. Net voor de bebouwde kom passeren we de provinciegrens met Overijssel. Na ongeveer 800 meter voorbij dit dorpje gaan we bij het bruine bordje “Residence De Eese” rechtsaf en komen terecht op de Bultweg. Bij Buitengoed Fredeshiem gaat deze over in de Eiderberg. Op de helling van deze kleine heuvel krijgen we te maken met enkele honderden meters ongeplaveide weg. Aan het einde van deze weg slaan we linksaf de Baarweg in. Nadat we de viaducten over de A32 en de spoorlijn zijn gepasseerd, bevinden we ons op de Witte Paarden. Bij de kruising met de N761 gaan we linksaf richting Steenwijk. Bij de eerstvolgende rotonde rechsaf. Dit is de N334. Bij de derde rotonde gaan we weer rechtsaf. Dit is de Blokzijlseweg. Een kleine 600 meter verderop slaan we linksaf, vervolgen de N334 en passeren het zeer toeristische plaatsje Giethoorn, dat ook wel “het Venetië van het Noorden” wordt genoemd. Direct na Wanneperveen buigen we rechtsaf en rijden over de N762 richting het pittoreske stadje Vollenhove. Bij de eerste rotonde nemen we de eerste weg rechts en rijden over de Weg van Twee Nijenhuizen nu snel over de dijk terug naar het 5 km verderop gelegen Blokzijl: het begin en eindpunt van deze toeristische autopuzzeltocht.

Antwoord vraag 01: Antwoord vraag 14:
Antwoord vraag 02: Antwoord vraag 15:
Antwoord vraag 03: Antwoord vraag 16:
Antwoord vraag 04: Antwoord vraag 17:
Antwoord vraag 05: Antwoord vraag 18:
Antwoord vraag 06: Antwoord vraag 19:
Antwoord vraag 07: Antwoord vraag 20:
Antwoord vraag 08: Antwoord vraag 21:
Antwoord vraag 09: Antwoord vraag 22:
Antwoord vraag 10: Antwoord vraag 23:
Antwoord vraag 11: Antwoord vraag 24:
Antwoord vraag 12: Antwoord vraag 25:
Antwoord vraag 13: Antwoord vraag 26: